Van stagiair tot architect – 25 jaar Tools4ever
Afgelopen jaar bestond Tools4ever 25 jaar en een aantal collega’s waren er vanaf het allereerste begin bij. Waaronder Arnout. Hij begon als stagiair en is inmiddels onze architect. Hoogste tijd dus om bij te praten.
Je bent je carrière begonnen met uitzicht op de vuilstort?
Dat klopt! Ik studeerde hogere informatica aan de hogeschool Utrecht en had in mijn tweede jaar dringend een stage nodig want ik was te laat gaan zoeken. Dus toen Simac een stagiair zocht zat ik de volgende dag aan tafel bij de stagebegeleider, Jacques Vriens. Er was direct een klik en uiteindelijk heb ik daar in een paar maanden heel veel ervaring opgedaan. Sterker nog, Jacques werd ook de stagebegeleider bij mijn vervolgstage. Die moest je bij een ander bedrijf doen maar hij was inmiddels voor zichzelf begonnen dus zijn startup werd mijn tweede stagebedrijf. Hij had zich net met een paar man gevestigd in een bedrijfspand in Baarn. Drie hoog achter en inderdaad, ik weet het nog goed, met uitzicht op een vuilstort.
En dat was Tools4ever?
Inderdaad. We leverden allerlei oplossingen voor bijvoorbeeld het beheer van diskruimte en netwerkmonitoring. We leverden die als shareware, wat destijds een veelgebruikt businessmodel was. Iemand kon de software gratis downloaden en voor aanvullende functies kocht je een licentie. Mijn eerste opdracht was dan ook een oplossing om die licenties te kunnen beheren en factureren. Ook moest de support worden georganiseerd dus dat werd mijn vervolgproject. En zo werd ik van stagiair naadloos een van de eerste medewerker.
Jullie hadden toen ook al buitenlandse klanten?
Voorál buitenlandse klanten, zou je bijna zeggen. We hadden al snel een paar verkoopkantoortjes in het buitenland en onze software was bijvoorbeeld populair in Amerika. Omdat ik de support verzorgde, was dat ook voor mijn Engels perfect want zo kreeg ik een taaltraining on-the-job.
Veel van de marketing verliep via beurzen. Dan stapte je met stapels flyers het vliegtuig in om ergens aan zo’n mini-standje je software aan de man te brengen. Om te besparen op bagagekosten propte je ook zoveel mogelijk flyers in je cabinebagage. Het resultaat was dat we ooit hebben vastgezeten op O’Hare airport. Het was niet zo lang na 9-11 en men vond het hoogst verdacht dat we bij de controle arriveerden met loodzware rugzakken die zo zaten volgepropt dat de scanners de inhoud niet konden controleren.
Kortom, het was allemaal lekker experimenteren en improviseren maar dat betekende ook dat we langzamerhand begonnen na te denken over meer serieuze beheeroplossingen. Het resultaat daarvan was UMRA en dat betekende echt een omslag.

Omdat dit een ander type software was?
Absoluut. We hadden al eerder een soort beheerschil voor Active Directory geleverd, maar met UMRA ontwikkelden we een volwaardige oplossing voor het beheer van gebruikers en hun rechten. Zulke software vraagt om een totaal andere klantbenadering en daarom heeft Tjeerd – die in die periode mede-eigenaar was geworden - destijds de organisatie behoorlijk opgeschud. We moesten nu voor het eerst met klanten aan tafel om de oplossing te kunnen verkopen, implementeren en integreren. Daar heb je consultancy voor nodig en voor ik het wist was ik de eerste consultant.
Dan zit je plotseling samen in de auto richting grote organisaties. Als Tjeerd dan het concept op hoofdlijnen had neergezet, keek hij mij aan voor de demo en alle technische vragen. Ik werd het water ingeduwd en dan leer je vanzelf zwemmen. In 2005 hadden we daarmee de eerste successen toen we onder andere een telecomaanbieder en een ministerie contracteerden. Jacques zorgde parallel dat de software verder werd doorontwikkeld, ik ondersteunde klanten bij hun projecten en samen met Tjeerd zochten we nog meer klanten.
En nog steeds met een paar mensen?
We groeiden al maar dit was het moment dat er meer hulp nodig was en naast ontwikkelaars nu ook consultants. Mooi vind ik dat Jacques en Tjeerd alleen beheerst wilde groeien. De plannen waren ambitieus maar nooit via gekke constructies met overnames of grote investeerders. We groeiden organisch met mensen die jezelf rekruteerde of kende in je netwerk.
Die nuchterheid tekent ons nog steeds. We zitten natuurlijk inmiddels in een mooier en groter pand maar we lunchen hier nog steeds gezamenlijk. En veel dingen bespreken we nog steeds tijdens een wandelingetje rond het gebouw. Dat ‘kleine’ gevoel van toen is er vandaag de dag nog altijd. Zoals we ook jaarlijks onze wintersport hebben en we ieder bedrijfslustrum ergens gezamenlijk op een mooie plek vieren, van IJsland tot Istanbul. Het belang daarvan kun je bijna niet overschatten. Het is door de jaren soms echt spannend geweest maar je kunt veel meer van elkaar hebben als je elkaar echt kent.
Want het was soms hectisch?
Ja. Je moet je voorstellen dat UMRA een kernproduct was dat door een paar ontwikkelaars werd ontwikkeld. Om dat bij grote klanten uit te rollen werden er naast onze koppelingen ook steeds meer add-ons ontwikkeld. Zo veel dat nieuwe consultants eerst een eindeloze set video’s van ondergetekende kregen met per add-on een uitleg hoe die werkte en wat je ermee kon. Het werd zo gaandeweg enorm ingewikkeld om alle technische balletjes in de lucht te houden. Ik was toen ook nog een tijdje de manager van dat consultancyteam maar dat heb ik snel weer losgelaten.
Dus je werd architect in plaats van manager?
Ja, feitelijk fungeerde ik toen als een soort solution architect bij klanten en ik vond het veel leuker om me daar helemaal op te richten. Ook omdat gaandeweg de eerste discussies begonnen over een vervolgproduct. De bestaande oplossing was weliswaar heel succesvol maar we zagen ook dat zo’n combinatie van een kernproduct met veel maatwerk lastig was om te onderhouden én te laten doorgroeien. We waren op zoek naar completere basisoplossing met minder maatwerk.

Hoe pakten jullie dat op, zo’n transformatie?
Dat is best lastig, vooral omdat je met UMRA je geld verdient maar tegelijkertijd ook ziet dat je bepaalde dingen anders wilt aanpakken. Je kunt niet de boel een tijdje sluiten om de winkel eens rustig te verbouwen.
Je ziet dan ook dat we al puzzelend verschillende dingen hebben geprobeerd en daaruit ontstond naast UMRA gaandeweg een nieuwe oplossing. Met eerst nog een nieuwe on-premises oplossing die al beter voldeed maar nog niet het echte ‘Eureka-gevoel’ opleverde. En zelf had ik bijvoorbeeld rond 2012 al een volledige blauwdruk klaarliggen voor een cloud-gebaseerde IAM. Maar ook die ging nog de ijskast in omdat dat destijds nog iets teveel van het goed was.
Het kwam echt op gang toen enkele ontwikkelaars als een soort hobby/test project iets bouwden waarin je al veel van de bestaande ideeën terugzag. Daar zag het management brood in en toen hebben we ook mijn blauwdruk weer eens uit de la gehaald. Er ontstond momentum, de productontwikkeling werd nu echt serieus opgestart en toen is stapsgewijs HelloID ontwikkeld en zijn we als organisatie omgeturnd naar een cloud-aanbieder.
Toen hadden jullie dat Eureka-gevoel dus wél?
Sterker nog, ik weet ook nog precies wanneer. Het ontwikkelteam nodigde me uit voor de eerste demo van de provisioning module en die middag hebben ze me echt van mijn stoel geblazen. Alles wat je zag klopte en ik was er toen ook direct van overtuigd dat we nu echt iets hadden waar we nog jaren op konden voortbouwen. Dat vond ik echt geweldig!
Voor mij toonde het ook de kracht van ons als club. Het is niet één man of één idee. Er zijn steeds nieuwe ideeën ontwikkeld, er zijn dingen geprobeerd en er is intern op tafels geslagen en tegen prullenbakken geschopt, maar uiteindelijk zie je al die kennis, ervaring en betrokkenheid terug in een geweldig product waar ik echt trots op ben.
En toen? Groeien?
Ja, veel bestaande UMRA klanten stapten relatief snel over naar HelloID en sowieso had je met zo’n standaard cloud-oplossing eindelijk ‘lucht’ om eenvoudiger nieuwe klanten aan te sluiten. Ik ben me dus als architect veel meer gaan richten op het ‘vertellen van het HelloID verhaal’. Bij klanten, op beurzen en online. En bij partners, want met veel minder maatwerk kun je nu partners betrekken om de oplossing bij klanten uit te rollen.
En we kunnen dus nu ook weer actiever naar het buitenland kijken. Ons succes van UMRA was vooral nationaal omdat er veel consultancywerk was en dan moet je in de buurt zitten. Met HelloID hebben we nu echt een standaard product en kunnen ook buitenlandse partners dat zelfstandig uitrollen. Er is dus nog een enorm groeipotentieel buiten de grens.
Waar zie jij als architect het product nog verder doorgroeien?
Met de uitrol van de provisioning functionaliteit zaten we destijds op zo’n 75% van die oorspronkelijke blauwdruk. We zijn nu druk met de rest. Zo hadden we destijds al veel ideeën over functies die nu terugkomen in onze governance module. Zoals reconciliation om de consistentie tussen je IAM-platform en doelsystemen te bewaken. En role mining uiteraard. Niet alleen om bij klanten een eerste rollenmodel te bouwen, maar ook om dat steeds verder te optimaliseren. En dan zie je ook nieuwe mogelijkheden van onder andere AI. Daarmee kun je bijvoorbeeld op basis van alle beschikbare klantgegevens automatisch voorstellen genereren om business rules verder te verfijnen. Zo zijn er nog tal van innovatiemogelijkheden.
Dat zie je ook aan onze ontwikkelaars. Die komen graag en ze blijven ook. Ze merken bij ons dat ze bij ons niet aan ‘peanut projecten’ werken. We doen hier spannende dingen die ertoe doen.
Dus jij blijft nog een tijdje?
Absoluut. Met de groei via partners en in het buitenland en het uitbouwen van HelloID ben ik hier echt nog lang niet klaar!
Geschreven door:
Esmée van de Riet
Esmée is marketing medewerker bij Tools4ever. Zij voert een breed takenpakket uit wat betreft de marketing activiteiten. Van het coördineren van trainingen tot het bijhouden van alle social media kanalen.